Mens & Gezondheid - Onderzoek

Het onderzoek naar medische biotechnologie vindt in Nederland plaats binnen universiteiten, universitaire medische centra en bedrijven.

Tot de opdrachtgevers voor medisch biotechnologisch onderzoek behoren overheidsinstanties zoals de Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO), de Nederlandse organisatie voor gezondheidsonderzoek en zorginnovatie (ZonMw), het Netherlands Genomics Initiative (NGI) en SenterNovem.

Daarnaast zijn het bedrijfsleven en een aantal organisaties zoals het Diabetesfonds, de KWF Kankerbestrijding en de Hartstichting ook grote opdrachtgevers als het gaat om medisch biotechnologisch onderzoek.

Onderzoeksgebieden

Binnen de medische biotechnologie staat een groot aantal onderzoeksgebieden veel in de belangstelling. Op al deze gebieden wordt ook in Nederland onderzoek verricht, zoals op het gebied van genomics, gentherapie, stamcelonderzoek, recombinant DNA geneesmiddelen en weefselkweek.

Genomics

Het Netherlands Genomics Initiative (opgezet door de overheid) stimuleert samenwerking op het vlak van genetisch onderzoek tussen bedrijven en onderzoeksinstituten. Daarbinnen zijn ook een aantal aparte samenwerkingsverbanden opgericht, onder meer op het gebied van voeding, kanker, coeliakie (overgevoeligheid voor gluten), virusinfecties van de luchtwegen en voor het verbeteren van diagnose, behandeling en preventie van ziekten als Alzheimer en diabetes.

Bioinformatica

DNA-onderzoek levert tegenwoordig enorme hoeveelheden gegevens op. De DNA-code van één mens loopt al in de miljarden basenparen. Om met die informatie onderzoek te kunnen doen zijn krachtige computers en slimme software nodig. Dat is het domein van de bioinformaticus. Bioinformatica is het gebied dat de nieuwste inzichten uit de informatica, wiskunde en ICT toepast op biologisch onderzoek, vooral genomics en proteomics experimenten.

Naar boven ↑

Gentherapie

Het meeste onderzoek naar de mogelijkheden van gentherapie wordt gedaan op het gebied van kanker en van ziekten die door één defect gen veroorzaakt worden, zoals Huntington, hemofilie en taaislijmziekte (cystische fibrose). Het idee voor gentherapie ontstond al in 1989: vervang of repareer het defecte gen en dan is een erfelijke ziekte misschien verholpen. Maar hoe komt een 'goed werkend' gen op zijn plaats van bestemming? Daarvoor is een 'vervoermiddel' nodig, want het gen kan dat niet op eigen kracht. Als vervoermiddel worden meestal onschadelijk gemaakte virussen gebruikt.

Gentherapeutisch onderzoek bevindt zich nu nog voornamelijk in de beginfase, maar met het subsidieprogramma Translationeel Gentherapeutisch Onderzoek wil de overheidsinstantie ZonMw de veilige overgang van dierexperimenten naar daadwerkelijk gentherapeutisch onderzoek bij proefpersonen stimuleren.

Inmiddels zijn de eerste stappen in de klinische toepassing van gentherapie bij patiënten gezet en een aantal experts op dit gebied hebben de Nederlandse Vereniging voor Gentherapie (NVGT) opgericht. De NVGT streeft ernaar om het publiek te informeren over onderzoek en toepassingen van gentherapie. Hiertoe stimuleert zij de interacties tussen onderzoekers, artsen, apothekers, patiënten, de farmaceutische industrie, de overheid en andere geïnteresseerden.

Naar boven ↑

Stamcelonderzoek

De bevruchte eicel is de moeder van alle cellen in ons lichaam. Terwijl een huidcel altijd een huidcel zal blijven, kan een bevruchte eicel nog uitgroeien tot allerlei verschillende cellen. Een cel die dat kan noem je een stamcel. Stamcellen uit het beenmerg kunnen nog uitgroeien tot allerlei bloedcellen, maar bijvoorbeeld niet tot hersencellen.

Embryonale stamcellen worden vooralsnog onderzocht om de ontwikkeling van cellen te kunnen doorgronden. De opgedane kennis kan misschien van waarde zijn voor therapieën met volwassen stamcellen. Of embryonale stamcellen zelf gebruikt zullen worden voor therapieën is nog niet duidelijk. Ze kunnen relatief gemakkelijk tot verschillende gespecialiseerde soorten celtypen, zoals hartspiercellen, worden ontwikkeld. 

Hier zitten echter nog allerlei haken en ogen aan: zo is het op dit moment nog steeds lastig om zuivere celkweken te maken en een stukje hartspier met daarin een stukje bot of wat haren is natuurlijk niet bruikbaar.

Daarnaast moet ook het probleem van afstoting van nieuw weefsel opgelost worden voor gentherapie mogelijk is. Klonen van lichaamseigen cellen, het overbrengen van het erfelijk materiaal van een patiënt naar een lege eicel, zou in dat geval in theorie een oplossing bieden. Maar klonen is tot nu toe nog nooit gelukt met menselijke cellen.

Volwassen stamcellen, zoals die uit beenmerg, kunnen gedoneerd worden; bijvoorbeeld voor beenmergtransplantaties bij leukemiepatiënten. Er wordt onderzocht hoe deze transplantaties onder andere met gentherapie verbeterd kunnen worden.

Onderzoek naar andere stamceltherapieën met volwassen stamcellen richt zich op het mogelijke ondersteunende vermogen van stamcellen bij de vorming van bloedvaten na een hartinfarct en andere vaatziekten. Verder kijken onderzoekers of stamcellen kunnen uitgroeien tot andere cellen zoals hartcellen, zenuwcellen en spiercellen.

Naar boven ↑

Recombinant DNA geneesmiddelen

Meer dan zeventig ziektebeelden worden vandaag de dag succesvol behandeld met recombinant DNA geneesmiddelen. Deze medicijnen worden op grote schaal gemaakt door speciaal aangepaste cellen in (grote) kweekvaten. Je leest hier meer over onder 'Mens & Gezondheid - Toepassingen'. Het onderzoek richt zich nu vooral op nieuwe eiwitten die met deze methode gemaakt kunnen worden, vaak voor zeldzame ziekten en aandoeningen. Verder worden ook nieuwe productiemethoden onderzocht waarbij planten en dieren die menselijke eiwitten maken.

Naar boven ↑

Weefselkweek

Biotechnologisch onderzoek gericht op het kweken van weefsels in laboratoria kan in de toekomst misschien een oplossing voor orgaantekorten zijn. Op korte termijn worden er al resultaten verwacht op het gebied van huid, bot en kraakbeen; of en wanneer de kweek van ingewikkeldere organen mogelijk zal zijn is nog onzeker. Onderzoek naar dit soort toepassingen gaat overigens vaak samen met onderzoek naar bio-kunststoffen en stamcelonderzoek.

De STEGA (Skeletal Tissue Engineering Group Amsterdam) is een samenwerkingsverband van universitaire onderzoeksgroepen die zich specifiek bezighoudt met onderzoek naar de weefselkweek van bot en kraakbeen.

Naar boven ↑

Genetische vingerafdruk

Momenteel is er ook veel aandacht voor de mogelijkheid om het uiterlijk van personen af te leiden aan de hand van het erfelijk materiaal. Forensische onderzoekers kunnen al, op basis van een beetje bloed of weefsel, met zekerheid vaststellen of het van een man of vrouw afkomstig is en ze kunnen zelfs al voorzichtige uitspraken doen over iemands ras. In Nederland wordt deze vorm van biotechnologisch onderzoek vooral gebruikt door het Nederlands Forensisch Instituut (NFI) en onder 'Mens & Gezondheid - Toepassingen' kun je meer lezen over de huidige specifieke toepassingen.


De redactie is benieuwd naar jouw mening over dit artikel. Klik hier om te reageren.